Informatie groente

Op deze pagina vind je informatie over de groente in de groentepakketten.

Papieren tassen gevuld met verschillende groenten

Ons aanbod bestaat uit ruim 60 verschillende groenten en kruiden dat gedurende het seizoen varieert. We beginnen het voorjaar met relatief veel “blaadjes”, gevolgd door wat vroege kolen en bonen. Daarna zien we vruchten zoals tomaat, courgette en komkommer, gevolgd door pompoenen en winterkolen.  

Schoonmaken en bewaren

We maken de groenten voor ze de tassen ingaan zo veel mogelijk schoon van zand en aangetaste bladeren. Omdat schoonmaken ook de houdbaarheid kan beïnvloeden, zijn niet alle groenten geheel zandvrij. We telen in een zeer biodiverse omgeving, wat betekent dat je soms ook nog wat wildlife tegen kan komen in de pakketten (zoals een slakje). We raden je dus aan om de groenten voor bereiding nogmaals schoon te maken.

De bewaarbaarheid is natuurlijk afhankelijk van het type groente. Hier volgen wat algemene tips. Hoe eerder je je pakket afhaalt en thuis in de koelkast zet hoe beter natuurlijk. Het helpt om de groenten in de koelkast in hun zakjes te laten zitten, zodat vocht beter wordt vastgehouden. Kruiden, maar ook sla, paksoi, bladmosterd, rucola, etc. trekken weer bij én houden het langer vol op een vaasje (of iets wat erop lijkt, op je aanrecht of in de koelkast). Kruiden kun je ook in een krant of doek rollen. En, met name bij nieuwere koelkasten, maakt het echt verschil om groenten in de groentela te bewaren. Als blaadjes, bijvoorbeeld van sla, slap zijn geworden maar er verder nog goed uitzien, kun je ze heel goed weer stevig maken door ze in koud water te leggen. Bereid ondertussen de rest van het eten en maak ze daarna droog (slacentrifuge): ze zijn dan weer lekker knapperig. Hetzelfde geldt voor wortelachtigen en radijs. 

Klaarmaken

Bij de groentebeschrijvingen hieronder, vind je ook hint voor de bereiding ervan. Soms voegen we een link toe naar een favoriet of eigen recept toe, maar ga vooral ook zelf op zoek! Op internet zijn veel lekkere recepten te vinden, ook van de wat minder bekende groenten. Mari Maris, Yvette van Boven en Hugh Fearnley-Whittingstall hebben heerlijke recepten met groenten in de hoofdrol, maar ze zijn zeker niet de enige! Kook je liever uit een boek, dan zijn hier een paar tips:

  • Mari Maris: Mari plukt de dag. Mari heeft zelf een groentetuin en kookt (vegetarisch) met de seizoenen mee. In dit boek vind je voor elke dag minstens een recept. Je zult veel van de groenten in de tassen terugvinden, 
  • Hugh Fearnley-Whittingstall: Heel veel VEG! Bekend van River Cottage, veganistische recepten met ontzettend veel smaak.  

De mogelijkheden zijn oneindig en door gewoon te koken met wat er in je koelkast ligt (in het pakket zat), leer je vanzelf fijne combinaties maken.

Groentebeschrijvingen

Aardpeer
❔→ Andere namen zijn: topinamboer of jeruzalemartisjok. De aardpeer is een knol waarvan de plant lijkt op een zonnebloem. Ze zijn wat grillig gevormd en hebben een zoetige, nootachtige smaak. In aardperen zit (net als in o.a. zoete aardappel, ui, banaan en meer groente en fruit) de voedingsvezel inuline, een prebiotica. Deze voedingsstof voor bacteriën heeft dus een gunstig effect op onze darmflora en darmwand. Een bijkomend effect kan echter winderigheid zijn (vooral bij rauwe consumptie). Het schijnt dat karwij- of venkelzaad helpt. Ook werkt inuline stabiliserend op de bloedsuikerspiegel. Aardperen zijn tot ongeveer een week in de koelkast te bewaren, maar ook nog wel langer (zo lang ze nog hard en wittig zijn, zijn ze goed).
🍴→ Verse aardperen zijn rauw te eten. Ze zijn dan lekker brossig en krokant. Dun gesneden, rauw door een salade is erg lekker. Schillen is niet nodig, alleen even schoonmaken. Je kunt ze ook even koken, of in schijfjes snijden, kort koken en dan bakken. Of in plakjes door een groentesoep of stoofschotel om die een herfstig tintje te geven. Of maak er een puree van, gewoon zo, of met aardappel: een heerlijk bijgerecht bij een overschotel bijvoorbeeld. Lekker met een paar blaadjes salie. Aardpeersoep is ook ontzettend lekker, bijvoorbeeld Romige aardpeersoep met boerenkool (of palmkool). Of probeer deze eens: Recept: Aardperentaart met hazelnootroom en peren – Yvette van Boven.

Andijvie 
❔→ We hebben twee variëteiten: “Nuance”, met een geel hart, en “Nummer Vijf2”, een breedbladige met een zachte smaak. Andijvie bevat veel carotenoïden (provitamine A), die in het lichaam omgezet kunnen worden in vitamine A. Vitamine A is van belang voor de normale groei, een gezonde huid, haar en nagels. Ook is vitamine A belangrijk voor een goede werking van de ogen en het afweersysteem. 
🍴→ Andijvie is wat bitter van smaak en kan je op veel manieren klaarmaken. Rauw als salade (met sinaasappel en walnoten) of door de stamppot (met cashewnoten). Door pasta kan ook of (kort!) gestoofd.  

Bindsla of Romeinse sla
❔→ Onze bindsla heeft een niet zo woke naam: Little Leprechaun. Het zijn kleinere, losse kropjes met mooi stevig donkerrood blad.  Traditioneel bond men de bladeren een aantal dagen voor het oogsten dicht om gelere bladeren te krijgen; vandaar de naam “bindsla”. Dat doen wij niet, want we vinden ze zo al heel mooi en lekker! 
🍴→ Bindsla heeft wat stevigere bladeren en is daarom ook erg geschikt om te stoven. Probeer het eens: lekker zoet! Maar je kunt het ook gewoon als salade eten. 

Bladmosterd of mosterdblad 
❔→ Pittig smakende bladeren die erg kunnen verschillen in vorm, kleur en grootte.   
🍴→ Het blad is rauw, bijvoorbeeld door de salade lekker pittig. Of als stamppot of pesto Ook kun je het blad stoven.

Boerenkool
❔→ Boerenkool zit bomvol gezonde voedingsstoffen. Naast lekker veel vezels, heeft de kool een hoog gehalte aan ijzer en calcium, en veel vitamine A, C en K.
🍴→ Stamppot is natuurlijk een optie, maar boerenkool is net als palmkool ook heerlijk in ovenschotels, of als geroosterde snack. Het bittere komt ook goed tot zijn recht in combinatie met pompoen, zoete aardappel of aardpeer, bijvoorbeeld in Romige aardpeersoep met boerenkool (of palmkool) 

Borlottibonen
❔→  Ook wel kievitsboon genoemd. De bonen zien eruit als kievitseieren. Wit met rode spikkels. Eén van onze favorieten!
🍴→ Je eet alleen de zaden. Als je ze dopt is het steeds een verrassing hoe ze eruit zien. Hartstikke leuk om te doen! Je kunt ze na het doppen meteen opeten (wel eerst koken); voeg ze bijvoorbeeld toe in een groentesoep. Je kunt ze ook (uitgespreid) laten drogen en daarna (heel lang) bewaren.

Bosknoflook 
❔→ Bosknoflook is jonge knoflook die nog geen bol gevormd heeft. De naam verwijst naar de manier waarop ze vaak aangeboden worden: in een bosje.  
🍴→ Je kunt de hele knoflook eten, zowel het witte deel, het (donker)groene deel en zelfs de worteltjes.  Lekker in salade (rauw) of gefruit als “gewone” knoflook. 

Catalogna
❔→ Catalogna komt uit Zuid Italië en heeft lange donkergroene bladeren die erg lijken op paardenbloem. Wat smaak betreft, is het meer als andijvie, met een wat grovere structuur.
🍴→ De bladeren kunnen, net als andijvie, rauw of gekookt/gestoofd gegeten worden. Omdat de structuur wat grover is, wordt het vaak gekookt. Dien ze bijvoorbeeld op met wat gesmolten boter en parmezaanse kaas. Maar je kunt ze ook, net als de stelen van snijbiet, even bakken, bijvoorbeeld met wat knoflook en peper en zout. Neem zo veel bladeren als je nodig hebt van de buitenkant van de krop af en bewaar de rest voor later.

Courgette
❔→ Courgettes zijn er in soorten en maten, van geel tot groen en van langwerpig tot bol. Het zijn eigenlijk pompoenen die je jong eet. Als courgettes eenmaal gaan, dan geven ze vaak wekenlang oogst. Omdat de smaak redelijk neutraal is, hoeft dat niet zo erg te zijn, want je kunt ze op vele manieren verwerken.
🍴→ Courgette is rauw of gekookt te eten. Hieronder volgt wat inspiratie, omdat je met courgette soms wel wat afwisseling kunt gebruiken.

Knoflook
❔→ Knolflook is familie van de ui en prei. Meestal eten we de bol, die uit tenen bestaat, maar ook de stengel en bloem zijn eetbaar. Jonge knoflook wordt vaak bosknoflook genoemd. We hebben een aantal verschillende knofloken in ons assortiment, met ieder zijn specifieke eigenschappen. Zo heeft de Spaanse knoflook Morado paars-rode tenen met een zeer hoog gehalte aan allicine. Men zegt dat deze de lekkerste is. Maar eet je knoflook graag rauw, dan is Simonetti een aanrader, omdat de smaak vrij mild is. Ook Siberian is niet overheersend en heeft ook een hoog allicinegehalte. Ophio is dan weer lekker pittig en ook Moroccon is lekker heet.
🍴→ Knoflook is een echte smaakmaker. Meestal fruit je ze even op zacht vuur, zodat de klein gesneden stukjes niet aanbranden.

Knolselderij
❔→ Knolselderij is echt een herfstgroente omdat het heel lang duurt voor de knol gevormd is. Je kunt knolselderij in de koelkast bewaren, ook eerder aangesneden stukken (die kun je bij het volgende gebruik even bijsnijden aan de snijranden)
🍴→ Alles waar je knolselderij door doet, wordt lekkerder. Probeer maar eens wat toe te voegen in een stoofschotel of stamppot of door soep of puree. Ook kun je er heerlijke soep van maken, bijvoorbeeld met gember (dan gaat er meestal wel een hele knol op!). Of in combinatie met pastinaak ofzo. Of snij de knol in dikke plakken en bak ze in een koekenpan. Lekker met peperroomsaus. Meer inspiratie vind je online; bijvoorbeeld hier: 22 recepten met knolselderij | delicious.magazine. Overigens zijn blad en stengels ook eetbaar. Gebruiken als selderij 😉.

Laurier
❔→ In de klassieke oudheid was laurier een symbool voor de overwinning. Overwinnaars werden getooid met een lauwerkrans, gemaakt van laurierbladeren. Deze bladeren groeien aan een wintergroene struik, die wel 100 jaar kan worden. Laurier is meestal gedroogd verkrijgbaar, maar verse laurier is erg lekker. Als je de bladeren in de vensterbank laat liggen, drogen ze overigens vanzelf en kun je ze ook later nog gebruiken. Laurier is ook bekend van laurierdrop.
🍴→ Laurier geeft een krachtige, aromatische en hartige smaak aan stoofpotten, soepen, braadgerechten en sauzen. De aromatische geur van laurier laat andere smaken en kruiden zoals bv. peterselie en tijm beter uitkomen. Voeg laurier toe aan stoofpotten en soepen, aan tomatensauzen, vis- en vleesschotels, maar ook aan bonen- en graangerechten. Een blaadje laurier in het kookwater van bv. aardappelen of rijst vervangt het snuifje zout. 1 tot 2 laurierbladeren zijn meestal genoeg voor de meeste gerechten van 6 porties.
❗→ Verwijder de blaadjes voor het serveren, want je eet ze niet op.

Palmkool of Cavolo Nero
❔→ Palmkool is een donkergroene kool die palmvormig groeit. Dat verklaart de Nederlandse en de Italiaanse naam: cavolo nero betekent zwarte kool. De oorsprong ligt dus in Italië en de soort werd al in de Romeinse tijd gegeten. Qua gebruik lijkt het erg op boerenkool, maar deze soort is wat minder winterhard en dus minder lang verkrijgbaar.
🍴→ Je kunt palmkool dus goed klaarmaken als boerenkool. Erg lekker (en kleurrijk) is het ook om de bladeren gesneden toe te voegen aan een pompoenschotel. Doe je ze erdoor, dan blijven ze zacht, maar voeg je ze later op de schotel toe, dan worden ze lekker knapperig. Toevoegen op pizza of plaattaart is ook een goed idee.Bijvoorbeeld op deze manier: Kale, onions and chestnuts | River Cottage. En ook palmkoolchips zijn een aanrader! Heerlijk en simpel om te maken (even googelen), met olijfolie, zout en sesamzaad of chilivlokken (gehakt pepertje).

Pepers
❔→ Pepers zijn er in vele soorten, kleuren en maten en vooral ook in verschillende graden van heetheid. We telen verschillende soorten, met elk hun specifieke eigenschappen, maar allemaal mooi! Sommige pepers zijn goed te bewaren door ze op een droge plek te laten drogen. Eenmaal droog kun je ze in een potje doen en er lang van eten.
🍴→ Proef voor je pepertjes toevoegt in je gerecht hoe heet ze zijn! Meestal voeg je ze in kleine stukjes gesneden toe. Als je ze heel laat, wordt het gerecht minder pittig. Je kunt de zaadlijsten en zaden verwijderen, maar ook laten zitten: dat maakt het wel heter 🌶️. Naast verse gerechten, kunnen pepers ook heel goed gebruikt worden bij het inmaken of fermenteren van groenten om deze nog meer smaak te geven. In dit geval voeg je meer toe dan je aan een vers gerecht zou doen, omdat de heetheid door de bereiding wat afzwakt. Of je kunt er natuurlijk sambal van maken!

Pompoen
❔→ We hebben verschillende varianten. Buttercup Burgess, een beetje vierkantig en donkergroen, met een grijzig/lichtgroene onderkant. Groene Hokkaido ook donkergroen, maar wat grijziger en rond. Beide hebben geel/oranje vruchtvlees met een lekkere, nootachtige smaak. Sweet dumpling is een pompoen met wit-groene ribben. Bij bewaring kleurt het groen langzaam oranje. En we hebben Solor, een oranjerode pompoen met oranje vruchtvlees. Buttercup Burgess en Solor zijn ongeveer een kilo per stuk, Groene Hokkaido wat groter en Sweet dumpling wat kleiner (mooi maatje voor 1 persoon). Echter, in sommige jaren blijven ook de grotere pompoenen klein. Pompoenen kun je op een droge plek (niet in de koelkast) vaak nog enkele weken tot maanden bewaren. Het vruchtvlees wordt dan ook nog wat zoeter. Controleer ze wel af en toe, want soms geven ze het eerder op.
🍴→ Je kunt er natuurlijk soep van maken, maar probeer ze ook eens te roosteren in de oven (met gedroogde pruimen! en/of sinaasappel). Je kunt dat simpel met wat olie doen, maar insmeren met een dressing van olie, citroenrasp, citroensap, gember en wat agave/rijststroop of honing en dan bakken is ook erg lekker. Voor extra smaak voeg je de dressing ook nog bij het opdienen toe. Of maak een Tarte tatin van pompoen, mijn favoriet (recept van Mari Maris, ook de hartige variant). Ik maak meestal de hartige versie hiervan: ik laat de suiker uit het deeg weg en voeg bij de vulling dun gesneden (rode) ui, gesnipperde knoflook, gesnipperde salie, en gehakte walnoten toe. In plaats van de karamel gebruik ik kweepeergelei, maar dat moet je dan weer net hebben. Met cranberries is ook een optie, of gebruik wat perensiroop. En opdienen met een toef crème fraîche of yoghurt. Mmmm!
Pompoenpitten kun je ook goed eten. Haal ze uit het vruchtvlees (dit gaat makkelijk als je dat in een bakje water legt, omdat de pitten drijven), dep ze droog en spreid ze uit over een bakplaat. Strooi er wat zout over en/of chilivlokken en bak ze tot ze beginnen te kleuren in de oven (kan trouwens ook in een koekenpan). Ze bollen dan wat op en soms poffen ze. Dien ze op als knappertje bij je pompoenschotel of eet ze zo als snack tussendoor. De pitten van Buttercup burgess en Sweet dumpling zijn erg lekker. Die van Solor zijn wat grover en daardoor minder lekker (maar probeer het eens). Pompoenpitten die je in de winkel koopt zijn van een speciale soort die geen hard schilletje hebben. Ook prima te telen, maar omdat het vruchtvlees minder lekker is, hebben wij ze niet in ons assortiment.

Raapsteel
❔→ Raapstelen zijn de jonge blaadjes van meiraap, koolraap of Chinese kool. Eén van de vroege “voorjaarsblaadjes”. We kennen ze ook als bladmoes, snijmoes of snijkool.
🍴→ Net als de andere voorjaarsblaadjes: rauw in een salade of door een stamppot of pasta. Kort stoven zou ook kunnen. De steeltjes kun je ook gewoon mee-eten. Even wat kleiner snijden kan fijn zijn.

Radicchio
❔→ Radicchio is familie van de witlof. De kroppen kunnen vast of wat losser zijn en zijn meestal rood, maar er zijn ook soorten in andere kleuren.
🍴→ De smaak ik wat bitter, vergelijkbaar met andijvie. Meestal wordt radicchio rauw gegeten, maar het is ook heel lekker om te stoven. Snijd een kropje in parten, smeer die in met wat olie en honing. Voeg eventueel zout en peper toe en bak ze in een koekenpan of in de oven (stoof ze bijvoorbeeld de laatste 10 minuten mee op een ovenschotel). Zo past het goed bij gestoofde bieten!

Radijs
❔→ Radijs is een kruisbloemige (let op de vorm van de bloemen!), net als kolen, mosterd(blad) en rucola. Wist je dat radijs ook ijzer bevat? IJzer is belangrijk voor de vorming van hemoglobine, wat zorgt voor zuurstoftransport in je bloed. Onze vroege radijs heet “Sora” en kan best groot worden en nog steeds knapperig zijn. Radijs Rudolf doet zijn naam eer aan. Als je het blad verwijderd (je kunt het blad ook eten!), blijven radijzen langer goed in de koelkast.
🍴→ Gewoon zo, tussendoor: lekker pittig en knapperig. In schijfjes door salade of op je brood (met (room)kaas). Als snack voor de tv kan ook! Je kunt ze ook kort bakken.  Of snij ze in dunne plakjes, voeg limoen- of citroensap (zoveel dat je het er goed door kan omscheppen) en wat zout toe, zet even in de koelkast (bijvoorbeeld terwijl je de rest van het eten bereid). Wist je dat je het blad ook kan eten? Als wat ouder is, kan het wat ruw zijn: maak er dan een pittige pesto van. 

Rettich
❔→ De grote broer van de radijs. Je eet de lange wortel van deze plant, die vaak wit is, maar ook vele andere kleuren zijn mogelijk. De smaak is, net als van radijs, mild tot pittig. Rettich wordt veel gebruikt in de aziatische keuken. Als je het blad verwijderd, blijft de wortel langer goed in de koelkast.
🍴→ Je eet de wortel, rauw of gekookt. Rauw als rauwkost met (of in plaats van) salade. Ook heerlijk op de borrelplank overigens! In

Rode biet (of gele biet)
❔→ Bieten, of kroten, zijn meestal rood, maar ze zijn ook verkrijgbaar in andere kleuren, zoals geel of rood-witgestreept. Naast de bieten zelf, kun je van dit knolgewas ook de bladeren eten. Heel jong bietenblad vind je vaak in slamixen. Oudere stengels en blad is vergelijkbaar met snijbiet, maar wat taaier. Door de stengels klein te snijden en met de bieten mee te laten koken, zijn ze toch lekker.
🍴→ Bieten (en dus ook de stengels en het loof) zijn zowel rauw als gekookt of gestoofd te eten. Snij bijvoorbeeld hele dunne plakjes (met een mandoline als je die hebt!) van een rauwe biet en verwerk die in een salade of dien ze zo op, met wat olie, azijn, zout en peper. Gekookt en in blokjes of plakken gesneden, zijn ze heerlijk in combinatie met feta. Eén van onze favorieten is om de bieten in de oven klaar te maken: snij ze in parten, besprenkel met olijfolie in een braadslee en kruid ze met venkelzaad, korianderzaad, paprikapoeder, een pepertje en rozemarijn. Hussel door elkaar en zet ze in de oven (190 graden). Voeg na een half uur rode uien (partjes) en sinaasappelpartjes (velletjes eraf) en lekker veel tenen knoflook toe. Omscheppen en weer 30 minuten in de oven (of tot de bietjes gaar zijn). Lekker met linzen en een frisse salade en ook heel lekker met gestoofde radicchio!
* Je kunt de bieten ook even voorkoken, dat scheelt oventijd.

Rozemarijn
❔→ Rozemarijn is een oud middel voor de versterking van het geheugen, en het is een symbool voor vriendschap en trouw, maar ook een lekker kruid om mee te koken.
🍴→ De naaldjes van de takjes snipper je meer of minder fijn en voeg je toe aan diverse ovenschotels. Gebakken (in oven of koekenpan) aardappels met rozemarijn is een heerlijk zomers gerecht.

Rucola
❔→ Ook wel Raketsla of Zwaardherik genoemd. Het zijn de jonge blaadjes van mosterdkruid en wordt al sinds de Middeleeuwen rond de Middellandse Zee geteeld. Sinds eind vorige eeuw is het ook in onze streken te krijgen. 
🍴→ Als smaakmaker in salade, op pizza of een pastaschotel. Ook lekker op een boterham met (room)kaas (of pindakaas!). Ook de bloemen zijn eetbaar: fleur er een salade mee op! 

Salie
❔→ Salie is een heerlijke smaakmaker in diverse gerechten. Het geeft een warm, kruidig aroma. Ook wordt dit kruid geprezen om haar geneeskrachtige en rustgevende werking. Salie bevat antioxidanten en vitamine A, C, calcium en ijzer.
🍴→ Vanwege de diepe smaak, past salie goed bij herfstgerechten en traybakes. Salie versterkt de heerlijke smaak van pompoen en is onmisbaar in uiensoep. Je hebt er maar een paar blaadjes van nodig per gerecht, die je snippert of in zijn geheel meekookt. Je hoeft ze voor het opdienen niet te verwijderen zoals bij laurier.

Slamix
❔→ Diverse soorten sla door elkaar gezaaid. Deze kunnen zeer jong geoogst worden als mesclun. Als we ze wat verder door laten groeien wordt het een mix van slakropjes en snijsla.
🍴→ Door de diversiteit in bladvorm en -kleur kun je hier mooie salades mee samenstellen. Maak ze nog kleurrijker door er wat bloemen overheen te doen. Bijvoorbeeld die van bieslook, bladmosterd, paksoi, raapsteel of radijs. 

Slangenradijs
❔→ Slangeradijs, ofwel rattenstaartje of radijsvruchtjes, zijn de vruchten van radijs. Ze zien eruit als een soort peultje. De planten bloeien maanden achter elkaar en produceren dus heel veel vruchtjes. Ze maken, geen klassieke radijsjes (knolletjes). Door de bloemenzee, zijn het zeer aantrekkelijke planten voor insekten. Van slakken hebben de vruchtjes nauwelijks last (wat bij “normale” radijsjes wel anders is)
🍴→ Ze zijn in hun geheel (rauw) te eten en hebben een pittige smaak (zoals radijs): lekker op brood of in salade of als snackje tussendoor.

Snijbiet
❔→ Wordt ook wel warmoes genoemd, vooral de variant met witte stelen. Snijbiet is er in vele kleuren. De stelen zijn groen, wit, geel, oranje, roze of rood (ook nog in verschillende tinten). Een mix van kleuren wordt vaak regenboogsnijbiet genoemd. Hoe dikker de stelen, hoe langer ze houdbaar zijn. Ook loof van bieten kan op dezelfde manier verwerkt worden.
🍴→ Van snijbiet eet je zowel de stelen als het blad. Beide kunnen rauw of gestoofd/gekookt gegeten worden. Het is een smaakvolle, makkelijk te bereiden groente met heel veel mogelijkheden. Het blad kan bereid worden “als spinazie” en in veel gerechten dit ook vervangen. De stelen kun je in stukken snijden en kort stoven, roerbakken of koken. De zoet-zoutige smaak komt heel goed tot zijn recht met roomkaas en mozzarella, bijvoorbeeld op een plaattaart of pizza (fritta!): even voor-roerbakken, en zowel steel als blad gebruiken! Toevoegen in lasagne of pastasaus is ook een aanrader.

Spinazie
❔→ Wij oogsten spinazie wat later dan heel jong, zoals ook in vele andere landen gebruikelijk is. Spinazie bevat veel calcium (goed voor je botten), ijzer en ook veel carotenoïden (provitamine A: zie Andijvie). Daarnaast is spinazie rijk aan nitraat, waaruit nitriet gevormd kan worden. In grote hoeveelheden is nitriet schadelijk, maar de positieve effecten van groente is (veel) groter. Nitraatrijke groenten kun je dus normaal eten, ook in combinatie met vis. 
🍴→ Net als veel van de andere “blaadjes”: lekker rauw, kort gestoofd, door pasta. 

Venkel of Knolvenkel
❔→ Venkel heeft een zoete, dropachtige smaak. Het onderste deel van de stengel vormt een knol, die we eten. Maar ook de stengels en het fijne loof zijn eetbaar. Zelfs de bloemetjes en de zaden kunnen gegeten worden. Alles rauw of gekookt/gestoofd.
🍴→ In het voorjaar kun je venkel goed combineren in een salade (snij de knol in hele dunne plakjes en gebruik het sprietige loof als garnering). En in de winter is het een fijne groente om mee te stoven op een bakplaat met bijvoorbeeld pompoen, bataat, wortel, aardappel en/of bieten.

Winterpostelein
❔→ De groene blaadjes van winterpostelein zijn een welkome bron van vitamine C en mineralen als calcium, magnesium, en ijzer in het vroege voorjaar. Door de goudzoekers in Californië werd ze daarom ook gegeten om scheurbuik te voorkomen, dat door vitamine-C-gebrek veroorzaakt wordt.  
🍴→ Blaadjes (inclusief de steeltjes!): rauw door een salade of stamppot. Kort gestoofd als spinazie. Of bijvoorbeeld door pasta, met wat room, knoflook of ui, zongedroogde tomaatjes en (room)(kaas). Als de steeltjes wat langer zijn, kan het fijn zijn om ze in stukken te snijden/knippen.

Recepten

Aarpeer-zoete aardappelsoep met boerenkool (of palmkool)

De bitterheid van de kool is een mooie tegenhanger bij de rijke herfstsoep. Variaties: gebruik pompoen of aardappel in plaats van of in combinatie met zoete aardappel. Of gebruik alleen aardpeer (verdubbeld dan de hoeveelheid). Gebruik snijbiet of catalogna in plaats van (of met) de kool. Je kunt de room en boter ook weglaten.

Ingrediënten
1 ui
2 tl olijfolie
400 g aardperen
400 g zoete aardappel
1 L bouillon (bijvoorbeeld: paddestoelenbouillon)
chilipeper naar smaak
150 mL room (optioneel)
25 g boter (optioneel)

350 g boerenkool of palmkool
2 tenen knoflook
4 tl olijfolie
sap van 1 citroen
zout en peper

Beschrijving
Snij de ui in stukjes en fruit ze op laag vuur in de olijfolie, tot ze zacht zijn (dit duurt 10-20 minuten). Boen ondertussen de aardpeer schoon (schillen is niet nodig) en snijd ze in blokjes. Schil de zoete aardappel en snijd ook deze in blokjes van vergelijkbare grootte. Voeg de wortelgroenten toe aan de pan, wanneer de uien zacht zijn en laat ze met gesloten deksel ongeveer 10 minuten mee smoren om ze (met de ui) lekker zoet te laten worden. Snijd ondertussen de chilipeper in kleine stukjes en voeg deze ook toe. Voeg de bouillon toe, breng aan de kook en laat nog ongeveer 10 minuten koken tot de wortelgroenten zacht zijn. Voeg eventueel room en boter toe en pureer de soep met een staafmixer of in een blender.

Haal de dikste nerven uit de kool en snijd de kool in repen. Pel de knoflook en snij de tenen in dunne plakjes. Verwarm (in een andere pan) olijfolie en roerbak de kool en knoflook tot de kool geslonken is (ongeveer 3 minuten). Voeg de citroensap, zout en peper toe en laat nog een minuutje doorbakken.

Dien de soep op in kommen en verdeel het koolmengsel als topping over de soepkommen.

Tarte-tatin met rode ui en tijm

Wanneer je ui langzaam gaart, karameliseert deze en wordt ze extra zoet. Deze taartjes zijn een heerlijk hapje vooraf, maar kunnen ook prima als borrelhapjes geserveerd worden. Door het gerecht als tarte tatin te bakken (dus op de kop), wordt het deeg heerlijk knapperig terwijl de vulling lekker zacht blijft. Je kunt ook een grotere taartvorm gebruiken om één taart te maken. Dit is een snelle versie met bladerdeeg, maar een eigen taartdeeg is ook zo gemaakt!

Ingrediënten
4 plakjes bladerdeeg
2 rode uien
~25 g boter
1 el suiker
1 el appelazijn
4 tl kweepeergelei (optioneel)
8 kleine takjes tijm
geitenkaas om te bestrooien (optioneel)
zout

Ook nodig
4 tartelettevormpjes of 6-8 cupcakevormpjes

Beschrijving
Verwarm de oven voor op 200 graden en vet de bakvormpjes in. Laat de bladerdeegplakjes ontdooien.

Schil de uien en snij elke ui in 8 parten (laat de kontjes aan de ui zitten, zodat de partjes niet uit elkaar vallen). Smelt de boter in een koekenpan en gaar de partjes ui langzaam (!) aan beide kanten tot ze zacht zijn. Voeg dan de suiker en azijn toe, draai de partjes door de pan zodat ze aan beide kanten bedekt zijn en laat ze nog een paar minuten pruttelen.

Snijd rondjes uit de bladerdeegplakjes die iets groter zijn dan je vormpjes. Kneed de resten bladerdeeg samen en rol ze opnieuw uit om meer rondjes te kunnen maken, tot je er voor elk vormpje één hebt. Heb je nog deeg over? Zie dan de tip hieronder.

Verdeel de tijm over de vormpjes. Voeg eventueel in elk vormpje wat kweepeergelei toe. Verdeel de partjes ui over de vormpjes en verdeel ook het kookvocht over de vormpjes. Leg op elk vormpje een rondje bladerdeeg en vouw het aan de randen een beetje naar binnen, zodat de vulling mooi is ingestopt. Bak in de tarte tatins 20-25 minuten in de oven, totdat het bladerdeeg goudbruin en knapperig is.

Haal de vormpjes uit de oven en draai ze in een snelle beweging om: het is handig om een bord of plank op het vormpje (of bij cupcakes die aan elkaar vast zitten: op de vormpjes) te leggen en dit als geheel om te draaien). Pas op, het vocht is heet! Bestrooi eventueel met wat verkruimelde geitenkaas.

Serveer!

Tip: Kneed het bladerdeeg dat over is samen en rol het opnieuw uit. Snijd er stengels van, of steek er vormpjes uit (sterren!). Bestrooi deze eventueel met sesam (maak wat nat met melk of water) en bak deze mee in de oven. Leuk om erbij te serveren.